De winter — Unit 1
7 woorden · leer eerst de flashcards en haal daarna alle 4 de lessen om de unit af te ronden.
⭐ 0 XP 🏅 Level 1 ✅ 0/4 lessen
Deze unit is vergrendeld
Maak de vorige unit af om deze te ontgrendelen.
Dagelijkse missies
🎯 Voltooi 3 lessen 0/3
🏅 Haal 80%+ in één les —
⚡ Verdien 100 XP 0/100
Woorden in deze unit
boots
de laarzen
“I wear warm boots in the snow.”
snow
de sneeuw
“The white snow covers the whole street.”
socks
de sokken
“I wear thick socks to keep my feet warm.”
jacket
de jas
“I zip up my warm jacket in winter.”
blanket
de deken
“I wrap myself in a cozy blanket.”
scarf
de sjaal
“I wrap a wool scarf around my neck.”
penguin
de pinguïn
“The penguin waddles across the ice.”