Miracle Apps

Het fruit

33 woorden in 5 korte units — leer de flashcards en haal alle 4 de spelletjes om de volgende unit te ontgrendelen.

Op deze pagina staan 33 Engelse woorden over het thema ‘Het fruit’, elk met een afbeelding, de Nederlandse betekenis, een voorbeeldzin en audio ingesproken door moedertaalsprekers. We beginnen met banana (de banaan), apple (de appel), lemon (de citroen). Alle woorden zijn verdeeld over 5 korte units, zodat kinderen stap voor stap leren en het geleerde meteen testen met 4 minigames.

Units

Alle 33 woorden: Het fruit in het Engels

Tik op de luidspreker om de moedertaal-uitspraak te horen.

banana

banana

de banaan

“The yellow banana is sweet and soft.”

apple

apple

de appel

“I eat a red apple after lunch.”

lemon

lemon

de citroen

“The lemon tastes very sour.”

grape

grape

de druif

“She eats a bunch of purple grapes.”

cherry

cherry

de kers

“The little red cherry is sweet.”

orange

orange

de sinaasappel

“I peel an orange and share it with my friend.”

pear

pear

de peer

“The green pear is juicy and sweet.”

coconut

coconut

de kokosnoot

“The coconut has sweet water inside.”

strawberry

strawberry

de aardbei

“I put a strawberry on top of my cake.”

pineapple

pineapple

de ananas

“The pineapple is sweet and a little sour.”

watermelon

watermelon

de watermeloen

“We eat cold watermelon on a hot day.”

peach

peach

de perzik

“The soft peach has fuzzy skin.”

mango

mango

de mango

“The ripe mango is yellow and juicy.”

kiwi

kiwi

de kiwi

“The kiwi is green inside with tiny black seeds.”

papaya

papaya

de papaja

“The orange papaya is sweet and soft.”

guava

guava

de guave

“I love the smell of a fresh guava.”

avocado

avocado

de avocado

“The avocado is soft and green inside.”

apricot

apricot

de abrikoos

“The small apricot is orange and sweet.”

plum

plum

de pruim

“The purple plum is juicy and sweet.”

raspberry

raspberry

de framboos

“The red raspberry is soft and a little sour.”

blueberry

blueberry

de bosbes

“I put a blueberry in my bowl of cereal.”

fig

fig

de vijg

“The fig is sweet and full of tiny seeds.”

lychee

lychee

de litchi

“The lychee has sweet, white fruit inside.”

longan

longan

de longan

“The longan is small, round, and sweet.”

tangerine

tangerine

de mandarijn

“The tangerine is easy to peel and very sweet.”

melon

melon

de meloen

“The green melon is juicy and refreshing.”

persimmon

persimmon

de kaki

“The orange persimmon is sweet when it is ripe.”

pomegranate

pomegranate

de granaatappel

“The pomegranate is full of juicy red seeds.”

durian

durian

de doerian

“The durian has a strong smell and spiky skin.”

rambutan

rambutan

de ramboetan

“The rambutan has soft, red hairs on its skin.”

mangosteen

mangosteen

de mangosteen

“The mangosteen is purple outside and white inside.”

starfruit

starfruit

de stervrucht

“When you cut a starfruit, it looks like a star.”

currant

currant

de bes

“The tiny currant is sweet and dark red.”

Voorbeeldzinnen

Zo gebruik je de woorden hierboven in eenvoudige alledaagse zinnen.

Ken je alle woorden van ‘Het fruit’ al?

Speel nu: Het fruit

Veelgestelde vragen

Wat is Het fruit in het Engels?

Op deze pagina staan 33 Engelse woorden over het thema ‘Het fruit’. De meest gebruikte zijn: banana (de banaan), apple (de appel), lemon (de citroen), grape (de druif), cherry (de kers), orange (de sinaasappel), pear (de peer), coconut (de kokosnoot), strawberry (de aardbei), pineapple (de ananas), watermelon (de watermeloen), peach (de perzik). Bij elk woord horen een afbeelding, de Nederlandse betekenis en een geluidsopname van een moedertaalspreker die je zo vaak kunt afspelen als je wilt.

Hoe spreek je ‘pomegranate’ uit in het Engels?

Tik op het luidsprekertje naast het woord ‘pomegranate’ (de granaatappel) om de uitspraak van een moedertaalspreker te horen en zeg het daarna twee of drie keer na. Zo gebruik je het in een zin: "The pomegranate is full of juicy red seeds."

Hoeveel woorden leer je in dit thema?

In totaal 33 woorden, verdeeld over 5 units van 5–10 woorden. Elke unit heeft flashcards en 4 minigames — plaatje raden, luisteren, combineren en spellen — zodat nieuwe woorden meteen spelenderwijs worden herhaald.

Is het gratis?

Helemaal gratis en zonder account: open deze pagina gewoon in je browser, op je telefoon of computer. Je voortgang wordt automatisch op je apparaat opgeslagen. Wil je zonder internet oefenen, dan is er ook de app English For Kids.

Andere thema’s die hierbij passen

Bekijk alle 69 thema’s →